Home
Over Interaxxie
Opdrachten
Opdrachtgevers
Foto's
Publicaties
Kalender
Reizen
Paspoort
Floortje
Sport
Kalender
Uitslagen
Uitslagen historie
Verslagen
Erelijst en records
In beeld
Contact

Drie-en-dertig jaar (april 2015) Maar liefst 33 jaar was het geleden dat ik mijn laatste wedstrijd reed op Sportpark de Meerdijk in Emmen. Aan die periode kwam op paasmaandag 6 april 2015 een eind tijdens de Rabobank Eierrace. Voor het eerst in heel veel jaren reed ik weer (met 85 anderen) een koers op eigen bodem. Drie constateringen: de rijrichting bleek veranderd, het parcours was ineens wel erg klein en krap en voor het eerst viel mijn tenue eens niet erg op in het peloton. De koers zelf was hectisch. Erg veel geduw en getrek en veel valpartijen. Ik kwam de finale echter goed door en reed naar een verdienstelijke 8ste plek. Met iets meer parcourservaring had er meer in gezeten, maar as is verbande turf zeggen ze in Drenthe. Tevreden dus en besloten om maar eens wat vaker langs te gaan.

 

Vroege eerste seizoenszege (maart 2015) Ik win traditioneel weinig in het vroege wegseizoen. Pas tegen eind april is de motor op toeren gekomen en rol ik op Sloten weer af en toe als eerste over de finish. Dit jaar ging het iets anders en pakte ik de eerste winst op 1 maart. Na vier magere koersen in februari met slechte benen en absoluut geen macht, viel alles op z'n plek tijdens de vierde rit van de Midden Nederland Competitie op onze thuisbaan in Almere. Dankzij een fantastische lead in van Tommy Goes, kwam ik met voorsprong het finishstuk op en kon ik het van kop af aan afmaken met meerdere lengtes voorsprong. De eerste zege van 2015 zit dus al na een maand koersen in de pocket! En dan voel je die zure poten ineens net iets minder!

 

Keurig eerste volledige cross-seizoen Het eerste volledige cross-seizoen dat ik in de winter van 2014/2015 draaide, krijgt een voldoende! Hoewel ik nog steeds geen potten kon breken in de cross, maak ik toch kleine stappen de goede kant op. Zowel in Amersfoort, Nieuwegein, Nes aan de Amstel, Oostzaan, de Cocksdorp en Uithoorn en wist ik me keurig bij de betere helft van het peloton te handhaven. In Nieuwegein zat ik zelfs drie keer bij de eerste tien en in Texel wist ik zowaar een tweede plek uit de strijd te slepen tijdens een clubcross!

 

Conclusie: gemiddeld genomen ligt mijn snelheid iets hoger dan vorig seizoen, loop ik makkelijker en zit ik technisch een stuk beter op de fiets. Maar winnen zit er voorlopig nog lang niet in. Veldrijden is en blijft een mooie winterhobby om spanning op de benen te houden, maar ik train in die periode (bewust) veel te weinig om mee te doen om de prijzen. Leuk is het echter wel! En dat is ook heel wat waard.

 

Bekijk de foto's van cross-seizoen 2014/2015 en lees hier de uitslagen staan hier. 

Vuurwerk als seizoensafsluiting (september 2014) Met de ploegentijdrit op de Afsluitdijk op 21 september sloot ik een succesvol wegseizoen af. Diverse overwinningen op Sloten, vrijwel alle criteriums bij de eerste tien gefinisht, winst en podiumplekken in ploegentijdritten en het grootste aantal kilometers dat ik ooit in een seizoen reed. Bij die mooie lijst paste een goed slot! En dat kwam er. Samen met Jeroen Akkerman, Federico de Marco en Thomas Verstraeten reed ik een recordrace op de Afsluitdijk. Ons gemiddelde van 49.42 km per uur was het hoogste dat ik ooit tijdens een wedstrijd haalde en we deden het verdienstelijk tussen de elite-teams in de A-categorie. Hopelijk volgt er een net zo mooi cross-seizoen, zodat ik volgend jaar de opgaande lijn verder kan doortrekken.

 

De aanhouders winnen  (juni 2014) Eindelijk is het gelukt! Na 20 jaar deelname (en ontelbare tweede en derde plekken) won ik op zaterdag 21 juni met m'n team de ploegentijdrit van Dronten. Ons gemiddelde van 45.2 km per uur over het parcours van 30 kilometer lengte, bleek door geen enkel ander team te zijn overtroffen. Na de tweede plek tijdens de KNWU Ploegentijdrit van Zandvoort en de zesde plek in de ploegentijdrit van Almere waren we dus eindelijk eens de beste! Mooi! Nu een nieuw doel zoeken :-) 

 

Een bocht te ver (mei 2014) Het ging ook te mooi... Zeges, alleen maar podiumplekken op rij, zelfs prijs bij het tijdrijden. Dat kon niet goed gaan en jawel, in het eerste zomercriterium van Almere ging het fout in de finishbocht. De koers zelf ging verbazend goed. Hoewel ik absoluut geen intervaltrainingen heb gedaan de laatste jaren, kon ik het tempo bij de elite en amateurs prima volgen. In de stromende regen zat ik al na een kwartier in een 12-mans kopgroep waar de andere elf renners gezamenlijk mijn leeftijd benaderden. In de finale brak het even, maar op minder dan een kilometer van de streep wist ik terug te komen en meteen naar voren te rijden. De finishbocht rondde ik als derde en de weg lag open voor een megasprint. Helaas pakte ik net een plasje olie mee en ging ik keihard op m'n bek. Ik vloog onder een geparkeerde vrachtwagen en m'n fiets er vol tegenaan. Gevolg: onder de schaaf- en snijwonden, kneuzingen en builen en de fiets total loss. Dure grap, volgende keer toch maar iets minder ambitieus zijn als het regent... 

 

"Minder tijdrijden" en meer van die onzin (mei 2014) Vorig jaar kondigde ik aan minder te willen tijdrijden. Er zat na twee jaar te weinig progressie in m'n gemiddelden en ik finishte altijd in de middenmoot. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Meer trainen bleek de sleutel tot een grote verbetering.

 

Begin mei had ik al meer kilometers gefietst dan in heel 2013 en de resultaten verbeterden aanzienlijk. En dus werd er eigenlijk niet minder, maar steeds vaker tegen de klok gereden begin 2014. Na een 7de plek tijdens de ACT Tijdrit en een onveracht goed gemiddelde tijdens de Tijdstrijderscup in maart en april, reed ik in mei naar een 13e plek op de Adelaarstijdrit en resulteerde de KNWU Ploegentijdrit van Zandvoort zelfs en in een podiumplek (tweede op 3 seconden van de winnaars). Medio mei was ik opnieuw dichtbij het podium op de TVZ Zeewolde Tijdrit (derde op een seconde van het podium).

 

Kortom: de trend is gezet: meer tijdrijden in 2014!

 

Racen op Zandvoort (mei 2014) Team Wielrennen Almere (Jeroen Akkerman, Thomas Verstraeten, Rob Aaftink en Rolf Hendriks) reed zich begin mei 2014 in de prijzen tijdens de KNWU Ploegentijdrit op Circuit Zandvoort! Met een gemiddelde van meer dan 46 km per uur werd het geaccidenteerde en winderige parcours twee keer afgelegd. De 2 minuten voor ons gestarte tegenstanders haalden we op de slotklim nog net in. Maar helaas kostte een wat slordige eerste ronde ons de zege. Het team van Ulysses Amsterdam bleef ons een paar seconden voor; kudos dus voor Ulysses-captain Pascal Aandewiel! Als bonus reden we ook het parcoursrecord op Circuit Zandvoort (47,8 per uur) en de beste tijd op de boulevard van Zandvoort naar Bloemendaal.

 

Twee op een rij (april/mei 2014) In 2014 startte ik prima met het wegseizoen. Alhoewel ik door allerlei verplichtingen weinig wegwedstrijden kon rijden, fietste ik tussen januari en begin mei meer dan 4000 kilometer. Drie tot vier keer zoveel als gewoonlijk.

 

En dat vertaalde zich in prima uitslagen. Na twee derde en een vierde plek, mocht ik eind apil en begin mei zelfs twee overwinningen achter elkaar noteren. Ook in de andere koersen verloor ik nog slechts één eindsprint. Conclusie: meer trainen helpt echt... 

Modderhappen (winter 2013/2014) Nu de successen steeds bescheidener en minder prominent worden, is er volop gelegenheid om nieuwe dingen uit te proberen. Tijdrijden is vooralsnog geen denderend succes, maar is wel geweldig om te doen. Datzelfde geldt voor m'n nieuwste sportieve hobby: veldrijden... In een opwelling kocht ik een splinternieuwe crossfiets na het zien van een YouTube-filmpje van de cross in Amersfoort. Drie weken later, om 10 uur 's op zondagochtend, stond ik vervolgens in de kou en de blubber aan de start van de cross ergens in de bossen bij Soest. Zonder een meter op de nieuwe fiets gereden te hebben en zonder een centimeter cross-ervaring. Het resultaat laat zich raden. Na een uur moest ik de strijd staken met een losgetrild stuur, zadel, stuurpen, zadelpen en een lekke voorband. Maar leuk dat het was! In de resterende crossen van die winter viel ik vooral erg vaak op m'n gezicht omdat ik harder wilde dan ik kon. Maar de nieuwe hobby is waarschijnlijk een blijvertje. Want ook al bak ik er niks van, het is een razendsnelle adrenalinestoot die de hele zondag nasmeult. Mooi man!

 

De balans opmaken (september 2013) Na me twee seizoenen lang vrijwel volledig te hebben gericht op het perfectioneren van mijn tijdrit, werd eind september 2013 de balans opgemaakt. Geen podiumplekken, een paar top-4 uitslagen in kleinere tijdritten, middenmoot in de landelijke races, een 25ste plek op het NK en een hoogste wedstrijdgemiddelde ooit in twee ploegentijdritten. Een nogal mager lijstje afgezet tegen de constatering dat ik in veteranencriteriums gemiddeld een derde plek scoor. Natuurlijk kreeg ik te maken met een zware knieblessure, chronische blessures aan lies, hamstring en kuit en twee lange reizen midden in het seizoen. Maar het simpele feit is dat ik te weinig talent en te weinig trainingstijd heb om me echt te kunnen meten met de klasbakken in deze discipline. Conclusie: ik keer in 2014 terug naar m'n oude stiel: de sprint. Deze winter is er geen winterstop van vijf maanden, maar veel lopen, Tacxen en kracht- en lenigheidstrainingen. Doel is het winnen van spiermassa en het vergroten van m'n snelkracht. Uiteraard blijf ik tijdrijden, maar als uitstapje en niet langer als hoofdprogramma.

 

Opsteker (september 2013) Na maanden van tegenslagen (kniebanden gescheurd, liesblessure en twee dagen voor het NK een zweepslag in de linkerkuit) leek mijn deelname aan het Nederlands Kampioenschap Tijdrijden een drama te worden óf zelfs helemaal niet door te gaan.

 

Maar gelukkig bestaan kleine wonderen nog. De laatste test op de ochtend van de wedstrijd viel verbazend goed uit: een hoger gemiddelde dan verwacht en weinig last van de drie kwetsuren.

 

Tijdens de race zelf liet ik iets teveel tijd liggen in de eerste 15 kilometer met wind mee. Door de fysieke mankementen kon ik niet het gevraagde vermogen leveren en dat kostte me flink wat tijd. Maar dankzij een sterke tweede helft kwam ik toch nog uit op een gemiddelde van bijna 41.

 

Niet gek, gezien de voorbereiding, de staat van het lichaam en de regen en wind onderweg. Dik tevreden dus met een uiteindelijk 25ste plek. 

 

Ploegenspel (september 2012) Na vijf weken Afrika (en dus geen enkele fietstraining) had ik een week de tijd om een serieuze conditionele achterstand in te halen en me klaar te stomen voor de bedrijvenploegentijdrit in de Finale van de Clubcompetitie in Luttelgeest. 18 Kilometer polder voor de wielen en serieus sterke teamgenoten maakten een crisisplan noodzakelijk. Ik trainde dus een week als een beest en reed met de ploeg oefensessies. Als de heren niet harder reden dan 48 km per uur, lukte het me om me vast te bijten in het laatste wiel. De strategie was dus om niet op kop te komen en te bekijken hoe ik erbij zou zitten halverwege de koers. Dan konden we beslissen of we gas gaven of 48 bleven rijden. Een waterdicht plan, dat overeind bleef tot aan de start. De ploeg van Sven Kramer startte voor ons en op dat moment werd elke vorm van logisch denken overboord gegooid. De eerste kilometers met wind mee joegen we al dik boven de 53 km per uur en reed ik op kop. Bij 8 km stond de man met de hamer en bij 10 km waaide ik ijlend de polder in. De ploeg reed door en behaalde een gemiddelde van 48.6 per uur. Sneller dan een aardig aantal clubteams met eliterenners. Ik reed naar vermogen door en finishte met 44 gemiddeld. 12 km per uur (en 8 minuten sneller) dan de nummer 2 in de bedrijvencompetitie. NIet slecht, maar de volgende keer toch iets beter nadenken.

 

And now for something completely different (mei 2012) Na twaalf jaar wieltjesplakken en geslepen koersen om in de laatste meters naar een ereplaats te sprinten, was het tijd voor iets anders. Een nieuwe uitdaging, een andere stiel, een side step buiten de comfort zone. Aangezien ik vroeger veel aan tijdrijden heb gedaan en ik de race tegen de klok een van de mooiste onderdelen van het wielrennen vond, was de keuze snel gemaakt. Er kwam een nieuwe fiets, ik ging trainen en werd meteen met de keiharde feiten geconfronteerd: sprinters kunnen niet tijdrijden. Finish ik in een wielerkoers meestal bij de eerste 10, in een tijdritwedstrijd mag ik blij zijn als ik bij de eesrte 30 eindig. En of ik nu 50 of 16 kilometer rijd, de snelheid is nagenoeg gelijk. Is dat erg? Nee, natuurlijk niet. Ik wilde een uitdaging en die heb ik gekregen. Op naar de top! Is het niet in 2012, dan maar in 2013 of 14 of 15...

 

Bejaardenschaatsen (februari 2012) In 2003 ben ik gestopt met wedstrijdschaatsen en de jaren erna stond ik maar een paar keer op natuurijs. Tot ik in 2009 m'n rechterheup sloopte met een val op een blok aangevroren ijs. De heup bleef in de jaren daarna een zwakke, krakende, pijnlijke plek en schaatsen was definitief bekeken. Maar het bloed stroomt waar het niet gaan kan en in 2012 trok ik de ijzers stiekem aan om het nog eens te proberen. Om half 9 's ochtends, bij -14 in een uitgestorven Kromslootpark leek het alsof ik al die jaren nooit anders had gedaan. Vanaf de eerste slag reed ik weer als vanouds weg. Uiteraard niet voor lang... na 100 meter bleek de conditie zo erbarmelijk dat ik stond te trillen op m'n benen. Bekijk hier filmpje 1 en hier filmpje 2 van het therapeutisch bejaardenschaatsen. Op filmpje 3 (een dag of vier later op de landijsbaan) kon ik alweer 800 meter diep zitten en kwam de gang er weer een klein beetje in. Volgend jaar toch maar weer een licentie? Of teren op de herinneringen? Lastig.

 

 

 

 

In beeld (mei 2011) De nieuwe media doen hun intrede in het peloton. Wielrenners Twitteren zich suf, je kunt je hoogtemeters, de wattages van je sprints en je hartslag per seconde aflezen uit moderne fietscomputers, iedere licentiehouder koerst met een tijdregistratie-chip op z'n fiets en sinds kort krijgen we geweldige HD-videobeelden uit het peloton zelf! Collega-renner Herman Koning heeft een HD-camera op z'n fiets gemonteerd en registreert daarmee de gang van zaken in het peloton. Ik had het apparaat wel eens gezien, maar besefte niet dat hij die filmpjes ook op YouTube zette. Onlangs kwam ik deze korte film tegen van de finale van zaterdag 21 mei 2011 op Sloten. Ik won de pelotonsprint van die bewuste koers (zie de foto hieronder), maar nu is ook mooi te zien hoe ik als een heuse sprinter laf elke inspanning vermijd in de laatste ronde. Omdat ik de sprint won (en dus ruim voor Herman en zijn camera eindigde) is de spectaculaire sprint zelf niet te zien. Jammer, maar je kunt niet alles hebben. Bekijk hier de film!

 

Wind mee (mei 2011) Hoewel ik in 2011 pas in maart op de fiets stapte, had ik eind mei al meer kilometers op de teller dan in het  

gehele seizoen 2010. Met een nieuwe fietsonder de kont leek een mooie erelijst een kwestie van tijd. Maar voor het eerst wilde het lichaam niet meer wat het hoofd wilde. Kwestie van leeftijd, maar toch een confrontatie die me niet lekker zat. De nieuwe fiets rolde niet plezierig, de benen wilden niet en de motivatie haperde. In mei kon ik echter weer goed meedoen bij de veteranen. De pelotonsprints won ik weer. Soms nipt, soms met overmacht (zie foto). Eind mei reed ik weer in diverse kopgroepen en begon de fiets ook meer te doen wat ik wilde. Eindelijk een beetje meewind!

 

En weer een comeback! (2010) Als je dacht dat Lance Armstrong vaak terug kwam: ik ben in 2010 aan m'n driehonderdste comeback begonnen. Na mijn onverwacht goede resultaat in het voorprogramma van de Ronde van Spanje in 2009 heb ik van schrik de fiets zeven maanden lang geen enkele keer aangeraakt. Na een reis van twee maanden door zuidelijk Afrika beklom ik pas medio mei 2010 weer het trapijzer.

 

In het begin was het ongenadig afzien, maar eind juni had ik m'n draai weer te pakken en ontdooide het oude lijf uit de winterslaap. Met nauwelijks 800 kilometer op de teller won ik op 29 juni mijn eerste koersje. In juli kwamen daar een derde en een vierde plek op Sloten bij. Telkens met winst in de sprint. Tijdens de trainingen kon ik weer concurreren met de Elite-coureurs.

 

Op Sloten werd ik zowaar vereeuwigd in het wiel van Nederlands kampioen bij de professionals Niki Terpstra. Met de handen OP het stuur nota bene ;-)) Conclusie: geen lange winterslapen meer en desnoods maar met hardlopen en krachttraining het lichaam in vorm houden. Bekijk het foto-overzicht.

 

Comeback boven verwachting  (september 2009) Na de geboorte van Floortje - medio 2006 - schoot het fietsen er grotendeels bij in. Slaaptekort en ouderlijke zorg voor de kleine hummel bleken funest voor de sportieve prestaties. In 2009, toen dochterlief beter ging slapen, stapte ik als 40-jarige na twee volledig koersloze seizoenen weer op de fiets. Ondanks een forse conditionele achterstand en te weinig tijd om te trainen, ging het verbazend goed. Zo behaalde ik in 2009 mijn eerste zege sinds 2006, en 16 top-10 klasseringen (waarvan negen top-5 en zes podiumplekken). Ik reed mijn snelste koersronde ooit op Sloten (49.3 km per uur), werd tweede tijdens de Driedaagse van Sloten en zesde in het sterk bezette nationale amateur A-criterium van de Ronde van Spanje in Assen. Nu zit het seizoen erop en ga ik een maandje in winterslaap om begin november de draad - hopelijk weer net zo succesvol - op te pakken. Bekijk het foto-overzicht.

 

Zesde in de hel van Spanje

(Augustus 2009) Na een reeks hoge uitslagen bij de veteranen, blijk ik ook landelijk bij de A amateurs nog steeds de koers te kunnen maken. Op 29 augustus behaalde ik een zeer verdienstelijke zesde plek in het criterium van de Ronde van Spanje in Assen. De koers was memorabel: op de TT-baan teisterden slagregens, hagel en stormwind het 200-koppige peloton. Het was meteen duidelijk dat de kop van het peloton de beste plek was en daardoor begon de koers agressief en fysiek met een verschroeiend gemiddelde (45 met wind tegen, boven de 60 met wind mee). Toen de hemelsluizen definitief open gingen, brak het peloton in diverse stukken. Ik zat keurig in de 30-mans kopgroep die voorop bleef. Op 4 ronden voor het eind reden er drie man weg. Gezien de gladheid, de slijtage in de kopgroep en mijn sprintvermogen besloot ik te wachten en te gokken. Op 250 meter van de finish elleboogde ik me naar voren en trok de sprint zelf aan. Ik gokte erop dat de renner die het eerst door de Geert Timmer-chicane zou komen, de sprint zou winnen. Op het finishstuk kwam ik nog dichtbij de vluchters, maar viel ik helaas te vroeg stil. Een zesde plek was m'n deel. Vooraf zou ik meteen getekend hebben voor die positie, maar achteraf had er misschien nog wel iets meer ingezeten.  Bekijk het foto-overzicht.

 

Puike Driedaagse (Augustus 2009) De veteranenstatus brengt ook voordelen met zich mee. Na jaren aanpoten kon ik me in de Driedaagse van Sloten eindelijk weer eens meten met leeftijdsgenoten en hoefde ik niet op te boksen tegen afgetrainde profs en eliterenners. Het resultaat mocht er zijn! De persoonlijke records werden drie dagen aaneen geregen. Een reeks van een tweede, vijfde en derde plek leverde me een tweede plek in het eindeklassement op. Het was de beste serie die ik in 30 jaar wielrennen bij elkaar had gereden en de tweede plek was een verbetering van de derde plek in 2005 en de vierde in 2004. Als klap op de vuurpijl reed ik op dinsdag de snelste ronde van al mijn koersen op Sloten: 2,5 kilometer met een gemiddelde van 49.3 kilometer per uur! Al dat geweld leverde me na 240 kilometer koers maar liefst 30 euro op! Over lucratieve hobbies gesproken... 

 

Alleen op de foto (Juni 2009) Het zat er al tijdje aan te komen met diverse ereplaatsen bij de eerste vijf, maar zaterdag 27 juni was het dan eindelijk raak: een loepzuivere overwinning! Het was meteen een bijzondere zege, want het was m'n eerste overwinning als veteraan, de eerste na drie jaar slaaptekort en het was ook nog eens een fraaie zege! Na een ronduit matige koers bij 27 raden Celcius geloofde ik er zelf niet al teveel meer in. Maar ik kwam de laatste ronden beter door dan verwacht en wist me door de kwakkende en vechtende meute te wringen in de laatste bocht. Op de 53-11 en een pieksnelheid van 64 km per uur won ik vervolgens met meerdere lengtes verschil de massasprint. "Alleen op de foto", noemen we dat. 

 

Scheuren op Sloten  (Juli 2008) Na opnieuw een nacht met een kleine 4 uur slaap reisden we in broeierige sfeer af naar Sloten. Floor wilde met alle geweld ook de fiets mee en dus stonden we met z'n tweeen aan het vertrek. Ik reed me vervolgens twee uur lang de ballen uit de broek terwijl Floor chips at, bellen blies en keihard "HUP PAPAAAAAA" gilde vanachter het hek. Stap dan ondanks de zwarte vlekken voor je ogen maar eens af...

 

Floortje vloert papa (19 augustus 2006) Na een intensieve voorbereiding op het NK Journalisten, kunnen we concluderen dat er verbetering in de conditie zit, maar dat we er nog lang niet zijn. Op 19 augustus kon ik voor het eerst sinds maanden lamlendig rijden weer eens meedoen in de finale op Sloten. Ik kwam de laatste bocht zelfs als derde door en had dus - gezien m'n sprintvermogen - zicht op een hoge klassering. Helaas zit Floortjes nachtbrakerij nog steeds diep in de benen en viel ik zo verschrikkelijk stil dat er nog zeker twintig man me voorbij kwamen. Een blammage! Laten we ons dus maar vasthouden aan de stijgende lijn en de verzachtende glimlach van de kleine vormcrisis-veroorzaakster...

 

Vierde in Urk (4 juli 2006) Bijgeloof of niet. Feit is dat - wanneer de L in de maand zit - ik betere uitslagen rijd. Traditioneel scoor ik in de maanden april en juli. Zo ook op 4 juli, tijdens de Omloop van Urk. In een zeer aardige en voor ons Almeerders nieuwe koers reden we met 34 graden celcius door de polder boven Urk. En met resultaat. In een hectische finale zat ik goed op de eerste rij, maar had ik gegokt op links, terwijl Jeroen Akkerman de ultieme jump op rechts maakte. Voordat ik die demarrage had beantwoord kwam ik als tiende de laatste bocht door en kon ik op de 53-11 nog maar zes man inhalen. Net geen podiumplek dus, maar gezien weer en slaaptekort wel een prestatie van formaat! Temeer omdat Jeroen tweede werd en Sven, als laatste overlever uit de kopgroep, een fraaie derde plek pakte.

 

Podiumplek driedaagse van Sloten (Augustus 2005) Na een maand met een tamelijk serieuze vormcrisis (kansloos afgestapt in de criteriums van Weesp en Schoonoord) had ik weinig vertrouwen in een goede afloop van de Driedaagse. Maar fietsen blijft een vreemde sport. De eerste dag kon ik me moeiteloos handhaven in het geweld en in de hectische sprint veel punten meepakken. De tweede dag verliep zelfs nog beter. Twee vluchters bleven in de finale weliswaar net uit de greep van het peloton, maar ik bleek een supersprint in de benen te hebben en wist van kop af, met tegenwind het hele pak op twee lengtes te rijden. Ook de derde dag ging het lange tijd voortvarend, maar na dik een uur koers liepen de benen vol van het vele controleren en gaten dichtrijden. In de sprint zat ik op het oog goed gepositioneerd, maar werd ik er in extremis toch nog uitgekwakt. De laatste punten volstonden echter voor een derde plek in het eindklassement.

 

Clubkampioen 2005 (30 juni 2005) In het verleden wilde het maar niet altijd lukken om clubkampioen te worden bij de amateurs A. De laatste jaren zat het echter keer op keer mee. Het kampioenschap van 2005 was er zelfs een met een gouden randje. Naast de eindsprint van een viermans kopgroep won ik namelijk ook alle drie de bonificatiesprints.

 

Aangezien ik ook voor de wsv Emmen rijd, was het nog wel even zoeken naar het juiste tenu voor de foto. Gelukkig was Cor Bitter bereid om zijn jack even af te staan voor de huldiging. Inderdaad: Cor is die man die op de achtergrond demonstratief in ''n hemd staat met de armen over elkaar. Je zult maar clubsponsor zijn en dat zootje ongeregeld in het juiste jasje op de foto moeten krijgen.

 

Podiumoverpeinzingen (22 juni 2005) Moet je blij zijn met een derde plek op een Nederlands Kampioenschap, of mag je ook een beetje balen dat er twee rapper waren dan jij? Feit is wel dat ik me niet hoef te schamen voor m'n optreden op het Nederlands Kampioenschap voor journalisten dat op woensdag 22 juni werd verreden op de boulevard van Noordwijk. Het was bloedheet, ik had de gewonnen koers van de avond daarvoor nog in de benen en het parcours had werkelijk alles wat ik haat: klinkers, vals plat, een finishstuk van slechts 80 meter en twee keerpunten van 180 graden. Een regelrechte kermiskoers dus en dat bleek al snel. Zestig man ineens door een bocht van 180 graden proppen lukt niet en dus waren de valpartijen en uitvallers niet van de lucht. Ik zat het eerste half uur attent bij de eerste 5 geposteerd, zat mee in wat test-ontsnappingen en had gelukkig geen heel slechte benen. Na 25 kilometer ontstond er een kopgroep van zeven renners (waaronder maar liefst vijf (ex-)elitecoureurs) waaruit de winnaar moest komen. De finish was net zo chaotisch als de koers zelf. De jury vergat te bellen, waardoor ik te lang twijfelde voor de laatste bocht. Resultaat was dat het kleine sprintertje van maandblad Fiets, die nog geen meter kop had gedaan, zich langs het hek drong, mij bijna onderuit reed en met een paar meter voorspong de korte sprint aanging. Ik kon na die mislukte bocht nog net genoeg snelheid ontwikkelen om twee renners voor me in te halen en kort na de winnaar over de streep te rollen.

 

Volgens het boekje (3 mei 2005) De finale van de Midden Nederland Competitie in Amersfoort is traditioneel een wedstrijd die me wel ligt. De twee voorgaande edities werd ik respectievelijk vierde en tweede op dit snelle parcours met z'n twee lastige bochten en sprint heuvelaf. Afgelopen zondag leek het er echter lange tijd op dat het een moeilijke koers zou worden. Tijdens de bonificatiesprint probeerde ik me te sparen voor de rest van de koers en dat was de reden dat ik (onnodig) werd geklopt op de streep. De koers zelf kon ik redelijk aan. Al zat ik regelmatig mee in de verkeerde ontsnapping en verspilde ik teveel energie om de echte slagen ongedaan te maken. De massasprint waarmee de koers eindigde was er echter een volgens het boekje. De collega's uit Utrecht dachten kans te maken en trokken de sprint wonderschoon voor hun rappe man. Ik zat echter op de 53-11 in z'n wiel, kon de nummer vier in het lint verleiden om te vroeg aan te gaan en kon het vervolgens moeiteloos afmaken met een dikke lengte voorsprong op het nog omvangrijke peloton.

 

Geklopt op de meet (15 juli 2004) Donderdag 15 juli begon ik aan mijn seizoensafsluiting: drie dagen op rij koersen in Drenthe. De eerste dag stond het crterioum van Hoogeveen op de rol, de dagen erna de tweedaagse van Schoonoord en Borger. En omdat Hoogeveen de voormalige thuishaven is van Daniël meldden zich donderdagavond twee Flevo's voor de koers op de wielerbaan. Gesupporterd door de herstellende Jeroen van der Veer werd het een slagveld in een soort Drentse Cycloon. Het regende keihard, het waaide als een gek, het was 13 graden en het parcours in Hoogeveen leek wel een ijsbaan. Kortom: prima weer voor de Polderboys en al snel kon ik me erg goed mengen in de strijd. Ik reed één van de beste wedstrijden van het seizoen (zo niet dé beste). Alles lukte: gaten dichtrijden vanaf kop, mee in elke goede ontsnapping en prijs pakken in de premiesprints! Toch miste ik nog bijna de slag. Toen er halverwege koers zes man wegreden, zat ik bij te komen van een premiesprint. Met een ultieme jump wist ik als laatste aan te sluiten en uit de greep van het peloton te blijven. Daniël bleef hangen en werd uiteindelijk zevende in de poltonssprint. Hoewel ik niet de beste was van de kopgroep, reed ik de finale als een beginner en wachtte ik te lang met het aangaan van de sprint. De vijf meter die ik zo liet liggen braken me op. Ik legde het finishstuk als snelste af, maar kwam een meter te kort voor de zege. Van de vier man die hun wiel naast elkaar over de meet drukten was ik met een banddikte vierde. Balen! Vooral omdat de eveneens verregende koers in Schoonoord me na een kwartier inhaalrace veel te link werd en de koers in Borger zelfs niet eens startte vanwege de eerder genoemde cycloon! Over een afknapper gesproken.

 

Klassiek verhaal (29 februari 2004) Aan het vertrek in het diep-Drentse Dalen vroor het vijf graden, maar stonden er bij gebrek aan andere nationale wedstrijden meer dan 120 amateurs-A klaar voor hun 82 kilometer door het Zuid Drentse land. Vanaf de start werd er erg hard gereden en de eerste 50 kilometer heb ik dus met een pols van rond de 180 zitten overleven in het peloton. Zoals altijd zijn de koersen in Drenthe snel en erg chaotisch. Veel remmen, veel duwen en weinig overzicht. Niet mijn pakkie an. Met nog 20 kilometer voor de wielen voelde ik me desondanks zo goed, dat ik naar voren ben gereden en me de rest van de koers bij de eerste vijftien heb gehandhaafd. Door het hoge tempo kregen vluchters weinig ruimte. Pas in de laatste ronde demarreerden er twee renners die een royale voorsprong kregen. Met behulp van de "Smidts-tactiek" (je zet maar één keer echt aan en dat is om te sprinten), wist ik het hoofd koel te houden tot de laatste kilometer. Ik kwam als zevende door de laatste bocht en lag zesde toen we de twee koplopers op het finishstuk inhaalden. Ik had gegokt dat het gat links van de weg zou vallen, maar het viel helaas voor mij rechts. Ik zat dus - in volle sprint - ingesloten tot vijftig meter voor de streep (toen er wel ruimte kwam op links) en wist vervolgens moeiteloos naar de vierde plaats te springen. Als dat gat nou wél eerder was gevallen... Afijn; "as is verbrande turf" zeggen we in Drenthe. Tactisch én fysiek een prima koers gereden!

 

Tweede van Nederland (15 en16 januari 2003) Om als reserve op het allerlaatste moment te worden opgeroepen voor het Nederlands Kampioenschap voor senioren A en vervolgens drie zilveren medailles én een tweede plek in het klassement te winnen is een nogal onverwacht begin van het jaar! Toch is het werkelijk gebeurd en mag ik me een jaar lang vice-kampioen van Nederland noemen!

 

Tot maandagmiddag zou het een doodgewone werkweek worden in Amsterdam, maar rond 14.00 uur sloeg dat vermoeden compleet om toen de KNSB belde met het verzoek op te komen draven voor het NK senioren in Nijmegen. Ik was er helemaal vanuit gegaan dat mijn slechte 1.500 meter kwalificatietijd van 2.13.7 ruim voldoende moest zijn om NIET te hoeven, want met een 1.500 en 3.000 meter op het programma vond ik dat ik als sprinter-uit-noodzaak absoluut niet thuishoorde op het toernooi.

 

Maar goed, een uitnodiging voor een NK is natuurlijk een eer en wie weet kon ik me op de 500 meter in de kijker rijden. Bovendien kon ik dit seizoen maar vijf keer in de arena stappen en is elke extra wedstrijd mooi meegenomen! Reden genoeg dus om woensdag alsnog af te reizen naar Nijmegen.

 

Geheel onverwacht werd de eerste dag een doorslaand succes. Hoe dat mogelijk was is me nog steeds een raadsel, maar met een 500 metertijd van 40.67 en een 1.500 van 2.06.01 stond ik twee keer met een zilveren medaille op het podium en tweede in het klassement. De 3.000 meter van donderdag werd exact het drama dat iedereen verwachtte, maar omdat de concurrentie na de eerste dag de handdoek al in de ring had gegooid werd ik ook op deze afstand tweede en mocht ik op het ereschavot definitief op het tweede treetje plaatsnemen.

 

In de kijker (29 september 2002) Samen met Jeroen Akkerman, Daniël Smidts, Herman Seigers, Wouter Diemer en Jeroen van der Veer reden we namens de Flevorenners het Nederlands Kampioenschap voor Clubteams. Vooraf had het team zich drie doelen gesteld. Een gemiddelde snelheid van meer dan 45 kilometer per uur, een hoger gemiddelde dan de junioren (erezaak) en een plek in de middenmoot van het deelnemersveld. Met een gemiddelde van 45.474 kilometer per uur voldeden we ruimschoots aan de eerste twee doelen. Met een 72ste plek van 87 teams valt er aan het derde doel nog wel iets te sleutelen, maar dat is voor volgend jaar.

 

Onze prestatie ging bovendien niet ongemerkt voorbij! TV Flevoland had in de reportage over het NCK tijd ingeruimd voor onze race.

 

 

Diep gaan bij Dronten (15 juni 2002) Het was warm op het tijdritkampioenschap voor schaatsers in Dronten. Bovendien waaide het keihard en lag het parcours er leeg en verlaten bij. De opkomst was met 461 deelnemers erg groot en dat kwam de competitie ten goede. In de individuele tijdrit 's ochtends kwam ik op 85% van m’n vermogen uit op een keurige derde plek. Achteraf was een inzet van 100% verstandiger geweest, omdat de nummer twee maar 4-tiende van een seconde sneller was over een afstand van 17 kilometer. De ploegentijdrit in de middag werd een deceptie. We startten veel te snel, klokten na 20 kilometer bijna twee minuten voorsprong op de concurrentie, maar werden uiteindelijk tweede op een halve minuut omdat we al snel mensen verloren.

 

InterAxxie Fotografie en Tekst 1998-2017